Zo d’ouden zongen…

… zo piepen ze al lang niet meer, de jongen…


De middeleeuwse vorsten traden blijkbaar niet alleen op als mecenas voor hoofse dichters, soms namen ze zelf de ganzenveer ter hand om een aantrekkelijk meiliedje te schrijven. Aan hertog Jan worden negen Dietse minneliederen toegschreven, die overgeleverd werden in Duitse handschriften. Slechts vijf zouden oorspronkelijk Middelnederlandse teksten zijn. Hertog Jan I moest zijn hartstocht voor toernooien met de dood bekopen.

EENS MEIEN MORGENS VROEGE
HERTOG JAN I VAN BRABANT
(1254-1294)

Eens meien morgens vroege
Was ic upghestaan;
In een scoen boemgerdekine
Soudic spelen gaen.
Daar vant ic drie joncfrouwen staen,
Si waren so wale ghedaen,
Dene sanc voor, dander sanc na:
Harba lorifa, harba harba lorifa,
harba lorifa!

Doe ic versach dat scone cruut
In den boemgardekijn,
Ende ic verhoorde dat suete gheluut
Van den magheden fijn,
Doe verblide dat herte mijn,
Dat ic moeste singhen na:
Harba lorifa, harba harba lorifa,
Harba lorifa!

Doe groette ic die alrescoenste
die daer onder stont.
Ic liet mine arme al omme gaen
Doe ter selver stont;
Ic woudese cussen an haren mont;
Si sprac: “Laet staen, laet staen, laet staen”.
Harba lorifa, harba harba lorifa,
Harba lorifa!

Het Wilhelmus is jarig

Vlag Oranje-blanje-bleu | MARNIXRING

Op 1 mei 1932 wordt het Wilhelmus het Nederlandse volkslied.

Tot 1932 was het Wien Neêrlands Bloed.

Het Wilhelmus, daterend uit ca. 1570, geldt als het oudste volkslied ter wereld. De auteur van het lied bleef lang een nobele onbekende. (Wikipedia) Het werd door de eeuwen heen aan de meest diverse namen toegekend: Bathasar Houwaert, Adrianus Saravia, Willem van Haecht, Dirck Volckertszoon Coornhert, enz. enz. Meest geciteerd in de reeks van mogelijke auteurs bleef Marnix van Sint-Aldegonde. Echter zonder zekerheid.

De Brabander Mike Kestemont, literatuurwetenschapper verbonden aan de Universiteit Antwerpen heeft enkele jaren geleden, in samenwerking met onderzoekers uit Utrecht en Amsterdam, de digitale methode op het Wilhelmus toegepast.
Even leek het dat Marnix inderdaad als auteur zou worden bevestigd. Maar na bijkomende vergelijking met nog meer schrijvers uit de 16de eeuw kwam een totaal onverwachte naam uit de bus. Absolute zekerheid zullen wij wellicht nooit krijgen maar de meest waarschijnlijke naam als dichter van het Wilhelmus is: Pieter Datheen!

Petrus Datheen | Petrus Datheenschool Rotterdam

Wie was Pieter Datheen? In mijn boek “Kinderen van de Beeldenstorm. Tien bekende, beruchte of vergeten Zuid-Nederlanders in de geuzentijd” bespreek ik uitvoerig de figuur van Pieter Datheen (1531-1588), beter bekend onder zijn Latijnse naam Petrus Dathenus.
Hij was een leidende figuur van het radicaal calvinisme in de zuidelijke Nederlanden. Pieter werd geboren op de Kasselberg, vandaag in Frans-Vlaanderen, en studeerde aanvankelijk geneeskunde, plantkunde en theologie.

In zijn tijd werd hij snel beroemd als begaafd volksredenaar, vertaler van de eerste Nederlandse psalmenvertaling en van het Heidelbergse catechismus. Door B.J.W. de Graaff wordt hij geprezen als ‘Nederlands grootste reformator der 16de eeuw’.
Rond 1570, in de periode dat het Wilhelmus werd geschreven, was hij nog zeer verwant met Willem van Oranje. Later zal Dathenus zich verzetten tegen de religieuze politiek van Oranje en zo in disgratie vallen. Dit kan de reden zijn dat zijn naam nooit als auteur van het Nederlands volkslied werd gemeld. Zijn psalmenvertaling bevestigt dat hij over het nodige talent beschikte: Dathenus had niet alleen een goede pen maar beheerste ook muziek en zang.

N.a.v. bovenstaande tekst van Wido Bourel gingen wij op zoek naar meer gegevens over Pieter Datheen. En vonden deze uitgebreidere levensbeschrijving:

Lees verder

Om te koesteren

We halen dit stroofje eruit. De volledige tekst vindt u onderaan de video.

Die Gedanken sind frei,
so frei wie die Presse.
Und denkst du, dass es anders sei,
dann gibt´s auf die Fresse.
Sie wollen dich lenken,
dein Wissen und Denken,
und vielleicht schon im nächsten Mai
kommt die Gedankenpolizei.
Und vielleicht schon im nächsten Mai
kommt die Gedankenpolizei.

Heckerlied

Het Heckerlied is een lied van de revolutie in het Groothertogdom Baden van 1848/1849. Friedrich Hecker probeerde toen de revolutionairen te verenigen om de elitaire regering van de groothertog af te zetten. Friedrich Heckers revolutionairen moesten het onderspit delven tegen de overmacht van Pruissische en Hessische troepen. Hij en zijn kompanen zagen zich verplicht naar Zwitserland te vluchten; hij keerde niet meer naar Baden terug en emigreerde uiteindelijk naar de VSA. Hij overleed in Summerfield, Illinois, op 24 maart 1881. Daar streed hij tijdens de secessieoorlog (1861–1865) als officier van een Duits vrijwilligersregiment in het leger van de noordelijke staten.

Voor een lied met dergelijke tekst belandt je vandaag voor de rechtbank.

Meer details vindt u hier (Duits): https://de.wikipedia.org/wiki/Heckeraufstand

Das Heckerlied
Wenn die Leute fragen, wenn die Leute fragen,
wenn die Leute fragen: “Lebt der Hecker noch?”
Könnt ihr ihnen sagen, könnt ihr ihnen sagen
Könnt ihr Ihnen sagen: “Ja er lebet noch.”

Er hängt an keinem Baum, und er hängt an keinem Strick
Er hängt an seinem Traum Von der freien Republik
Er hängt an keinem Baum, und er hängt an keinem Strick
Er hängt an seinem Traum Von der freien Republik

An den Darm der Pfaffen, An den Darm der Pfaffen
An den Darm der Pfaffen hängt den Edelmann
Laßt ihn dran erschlaffen, Laßt ihn dran erschlaffen
Laßt ihn dran erschlaffen, hängt ihn drauf und dran

Ja 33 Jahre währt die Sauerei
Wir sind keine Knechte, wir sind alle frei
Ja 33 Jahre währt die Sauerei
Wir sind keine Knechte, wir sind alle frei

Schmiert die Guillotine, Schmiert die Guillotine
Schmiert die Guillotine mit Tyrannenfett!
Reisst die Konkubine, Reisst die Konkubine
Reisst die Konkubine aus dem Pfaffenbett !

Ja 33 Jahre währt die Sauerei
Wir sind keine Knechte, wir sind alle frei
Ja 33 Jahre währt die Sauerei
Wir sind keine Knechte, wir sind alle frei

Fürstenblut muss fließen, Fürstenblut muss fließen
Fürstenblut muss fließen fließen stiefeldick !
Und daraus ersprießen, Und daraus ersprießen
Und daraus ersprieß’n die freie Republik

Ja hunderttausend Jahre währt die Knechtschaft schon
Nieder mit den Hunden von der Reaktion
Ja hunderttausend Jahre währt die Knechtschaft schon
Nieder mit den Hunden von der Reaktion

Drie jaar geleden werd de 170ste verjaardag van deze “revolutie” herdacht:

Marieke wordt gecensureerd door…

Censorship Vector Art & Graphics | freevector.com

.. de woke-imbecielen die waarschijnlijk nog een aantal liederen onder de censuurguillotine zullen laten sneuvelen.

Blijkt dat enkele wakkere studenten (?) nu plots ‘ontdekt’ hebben dat het vertrouwde “Wel Annemarieke, waar gaat gij naartoe?” over ‘uithuwelijking en verkrachting’ gaat…

Studentensteden passen codex aan: “Annemarieken mag haar vele bedpartners houden, maar huiselijk geweld zal verdwijnen ” | VRT NWS: nieuws

Deze opname dateert van het tweede jaar van WOII. Wat zou Wim Sonneveld bedoeld hebben? Is het een verhulde verwijzing naar Marieke’s Bekanntschaften?