Analyse: Het Westen is tot alles bereid om Syrië te onderwerpen

De bronafbeelding bekijkenDe wereldveroveraars: Het Westen is bereid alles te doen om Syrië te onderwerpen.

De lijst van westerse interventies in Syrië is lang en waarschijnlijk is veel niet bekend omdat geheime diensten en hun regeringen nog niet gedwongen waren alle opdrachten bekend te maken.
De Syrische geostrategische ligging had voor noord en zuid, voor oost en west van het grootste nut geweest kunnen zijn, mocht ‘s lands staatssoevereiniteit door zijn buren en internationale actoren gerespecteerd geworden zijn. Het land heeft een brugfunctie die gedurende duizenden jaren continenten en culturen met elkaar verbonden heeft. Vreemde heerschappij – soms gedurende 100, of soms gedurende 400 jaar –  is in Syrië een bekend gegeven.

De laatste vreemde heerschappij, het Ottomaanse Rijk, verbrokkelde 100 jaar geleden. In Syrië en in de Levant hoopte men op een onafhankelijke staat. Maar de onbeteugelde machtshonger van het Westen en diens verbondenen heeft de regio sinds 100 jaar een voortdurende voogdij, verdeling en steeds weer oorlogen geschonken.

De lessen, die het Westen naar verluidt uit de laatste grote oorlog (1939 – 1945) getrokken heeft, opgeschreven in de VN-Mensenrechtenverklaring, werden uitgehold. Daar deze regels de zwakkeren beschermen, worden zij door degenen, die hun machtshonger niet ermee kunnen stillen, vandaag belachelijk gemaakt en van de tafel geveegd.

De laatste grote aanval begon in 2011 en werd nog niet beëindigd. Met een groot arsenaal nieuwe technologieën en de misachting van het volkerenrecht moet en zal Syrië onderworpen worden. Maar het Westen heeft verkeerd gewed. Syrië en diens verbondenen – Rusland, Iran, de Hezbollah en de BRICS-staten – verzetten zich. En daarmee bevestigt Syrië ‘s lands zelfbeschikkingsrecht, zoals voorzien in de VN-Charta.

100 jaar bemoeienissen
Toen de grote Europese koloniale machten – Groot Brittanië en Frankrijk – in 1916 de Arabische provincies van het uiteenvallende Ottomaanse Rijk met het geheime Sykes-Picotverdrag onder elkaar verdeelden, was WOI nog volop aan de gang. Beide koloniale machten wilden hun belangen in de regio veilig stellen: transportwegen, havens, grondstoffen. De samenwerking met het Arabische verzet tegen het Ottomaanse Rijk en diens Duitse verbondenen steunde op een valse belofte, nl. de steun aan de Arabische onafhankelijkheid.

In werkelijkheid diende ze slechts de eigen nationale Franse en Britse belangen. Eén jaar na het Sykes-Picotverdrag beloofde G.B. in november 1917 met de Balfour-verklaring hun steun aan de zionistische nationale beweging bij de “oprichting van joods thuisland in Palestina.”

G.B. presteerde het drie keer over hetzelfde land – Palestina – te beschikken. Met het Sykes-Picotverdrag werden in de eerste plaats de eigen belangen gediend. De Arabische nationale beweging werd zoet gehouden met de belofte van een onafhankelijke Arabische staat – Syrië-Palestina – die tot de 36ste breedtegraad moest reiken. En ten derde beloofde Londen hetzelfde land – Palestina – aan de zionistische nationale beweging, die daar niet van stamde.

De toenmalige Amerikaanse president Woodrow Wilson tapte toen nog uit een heel ander naoorlogs vaatje: een nieuwe naoorlogse orde en nieuwe internationale betrekkingen. In januari 1918 stelde hij aan het Congres zijn “vredesprogramma” voor: de “14-punten verklaring”.  Het begint als volgt: “Wat wij in deze oorlog vragen is niets voor onszelf. Het is dat de wereld geschikt en veilig mag gemaakt worden om erin te leven, en in het bijzonder dat zij veilig mag gemaakt worden voor elk vredelievend volk dat, zoals het onze, zijn eigen leven wenst te leven, zijn eigen instellingen te bepalen, en verzekerd te zijn van gerechtigheid en behoorlijke behandeling door de andere volkeren van de wereld, tegen geweld en zelfzuchtige aanval. (…)

Hij had het over een transparante politiek, tegen geheime akkoorden, voor compensaties aan gekoloniseerde volkeren en voor het zelfbeschikkingsrecht der volkeren. In deze context was hij tegen het Sykes-Picot akkoord en stelde in de plaats een volksraadpleging in de Levant voor. Een commissie zou door de bevrijde Arabische gebieden der Levant en door Turkije moeten trekken om hun meningen over de eigen toekomst te verzamelen. Deze verzamelde conclusies, vervat in een verslag, had dan de grondslag van de Parijse Vredesconferentie (1919) moeten worden.

De King-Crane Commissie was in juni/juli 1918 zes weken in de Levant onderweg. In een eerste samenvatting met 1875 petities stond het volgende: meer dan 70% wilde geen politieke verdeling van Syrië en Palestina. Kortom één geheel van Cilicië in noorden, de Syrische woestijn in het oosten, Palestina tot Rafa in het zuiden, totale Syrische onafhankelijkheid en geen zionistische staat, geen mandaatmacht voor Frankrijk en een totale afwijzing van het Sykes-Picotverdrag en de Balfour-verklaring. (King-Crane Report)

Frankrijk en G.B. verhinderden en vertraagden het werk van de commissie; de zionistische beweging stelde het verslag der commissie in een slecht daglicht… “eenzijdig”. President Wilsons voorstellen over een nieuwe internationale politiek en het verslag van de King-Crane commissie werden bij de Parijse vredesconferentie verticaal geklasseerd. Wilson haalde bakzeil en gaf toe aan de Balfour-verklaring, maar bleef het Sykes-Picotverdrag verwerpen. Tenslotte accepteerde de Volkerenbond uiteindelijk het Sykes-Picotverdrag als basis voor een nieuwe orde in de Arabische provincies. Syrië werd verdeeld en onder Frans mandaat gesteld, G.B. kreeg Palestina, Transjordanië, Irak en Egypte.

Met de steun van de Volkerenbond– de voorloper van de VN – beslisten de toenmalige machtige Europese staten juist het tegenovergestelde van dat wat de Levant-bevolking (Syrië-Palestina) in hun petities verlangd had. De Britse veldmaarschalk Archibald Wavell, die tijdens WOI in Palestina en in de Sinaï ingezet werd, gaf na de Parijse vredesconferentie deze commentaar: ” Na de oorlog, die “elke oorlog moest beëindigen”, hebben ze nu een vrede gecreëerd, die elke vrede onmogelijk maakt.”

Zege van het kruis over de halve maan
Na de deling van Syrië – Palestina legde Frankrijk in 1922 een verder opdelingsplan voor Syrië op tafel met vijf nieuwe staten binnen Syrië. De Syriërs weigerden.
Generaal Henri Gouraud stond aan de leiding van de Franse troepen in Syrië. Naar verluidt trok hij na het binnen marcheren in Damascus naar het graf van Saladin, ‘bevrijder’ van Jeruzalem en zegevierder van de Kruisridders (1187). Aan diens graf zou hij luidkeels geroepen hebben: “Word wakker Saladin. Wij zijn er weer. Mijn aanwezigheid hier heiligt de zege van het kruis over de halve maan.”

Tijdens het Franse mandaat werden er talrijke ingrepen in de structuur van de Syrische bevolking en het land uitgevoerd. Steden en gevangenissen werden gebouwd, het Franse schoolsysteem ingevoerd. Een leger werd opgericht, geloofs- en volksgroepen tegen elkaar opgezet, zoals ook bij politieke partijen en oppositiegroepen het geval was.
Sommigen onderwierpen zich onder het mandaatsysteem en collaboreerden. Anderen zochten steun in Turkije, in de Golfstaten of in Jordanië. Het bleek moeilijk politieke eenheid te vinden. Alle pogingen om politieke onafhankelijkheid te bereiken, zij het met de oprichting van partijen, met opstanden, met regeringsvormingen, werden door Frankrijk verhinderd, afgeremd of bloedig neergeslagen.

Officieel eindigde in 1943 het Franse mandaat over Syrië. In werkelijkheid trokken de Fransen pas in april 1946 onder druk van de Britten zich terug. Nog in mei 1945 werden in Damascus betogingen tegen de Franse mandaatsmacht met luchtaanvallen onderdrukt. Bij de Franse aanvallen op het parlement en de citadel in Damascus stierven honderden Syriërs.

Valse vrienden (1)
G.B., de VSA en de Sovjetunie waren in 1946 bij de eerste staten die de Syrische onafhankelijkheid erkenden. Terwijl de Sovjetunie de jonge natie met economische hulp, ontwikkeling, opleiding en bewapening ondersteunde, werd snel duidelijk wat de Britse en Amerikaanse steun waard was.
Hun belangrijkste partner in de regio sinds WOII was de staat Israël, die in 1948 met militair geweld in Palestina opgericht werd. Syrië was altijd tegen deze staatsoprichting geweest, stemde in 1948 bij VN tegen en voerde oorlog voor Palestina tegen Israël. Daarvoor betaalt het land vandaag het gelag.

De Amerikaanse buitenlandse geheime dienst, de CIA, was in de eerste drie staatsgrepen,  alleen al in het jaar 1949,  in Syrië betrokken. De staatsgreep bracht in maart 1949 generaal Husni al-Za’im het presidentschap. Een van zijn eerste ambtsdaden was de ontbinding van het parlement. Onder een vals voorwendsel lokte Al Za‘im Antoun Saadeh, de oprichter van de Syrische sociaal-nationalistische partij, de SSNP, en verwoede Israëltegenstander uit Beiroet, waar hij vervolgd werd, naar Damascus en verzekerde hem van zijn steun. Slechts enkele dagen later leverde Al Za’im Saadeh uit aan Libanon, waar hij neergeschoten werd.

De achtergrond van Al Za’ims machtsovername lag in de harde houding van de vorige president Schukri al Quwatli t.o.v. Israël en tegen de vrijgave van Syrische grond voor de bouw van de Transarabische Pipeline, de TAP, die door het Saoedisch-VS-Amerikaanse oliebedrijf ARAMCO vanuit de Perzische Golf naar de Middellandse Zee moest gebouwd worden.
Al Za’im had de CIA voor zijn machtsovername zijn steun bij de bouw van de pijpleiding beloofd en bovendien wilde hij met Israël onderhandelen over een vredesverdrag. En zo geschiedde. Ondanks dit alles zou Al Za’ims macht geen lang leven beschoren zijn.
Al in augustus 1949 werd hij door Syrische tegenstanders uit zijn ambt ontzet en vermoord. Een derde staatsgreep in december 1949 bevestigde tenslotte de door het parlement gekozen Hashim al Atassi als president. Tot 1973 bleef Syrië politiek een vulkaan met rebellerende partijen, met concurrerende persoonlijke en politieke belangen, doorregen met het eigen belang en het geld der regionale protagonisten en hun respectievelijke internationale partners.

Na de Israëlische inval op de Golan Hoogte, de Sinaï en West-Jordaanland in juni 1967, gevolgd door de bezetting, kwam het tot drie oorlogen tussen respectievelijk Egypte, Irak, Jordanië en Syrië langs de ene kant en Israël langs de andere kant. De laatste oorlog 1973/74 eindigde met de inzet van een VN-Blauwhelmenmissie, die een gedemilitariseerde bufferzone op de Golan Hoogte tussen Israël en Syrië controleerde.

Israël werd de westelijke voorpost in de Levant, Syrië werd een frontstaat tussen het westen en de Sovjetunie. Het land werd omsingeld door Turkije als zuid-oostelijke NAVO-pijler, door de atoommacht Israël, eng verbonden met Europa en de VSA met ambitieuze zionistische expansieplannen, door Jordanië, dat een soort militaire basis voor het Westen geworden was, door Irak, dat na de Iraanse revolutie 1979 en tijdens de achtjarige Iran-Irak-oorlog 1980 /88 een partner van het Westen en van Saoedi-Arabië was en ten slotte door Saoedi-Arabië, dat met een verbond tussen de monarchie en het dogmatische wahabisme het tegenovergestelde vertegenwoordigde wat Syrië als seculiere, socialistische en vooruitstrevende staat voor ogen had.

Een opstand van de Syrische Moslimbroederschap van 1978 tot 1982 bracht voor Syrië een onrustige tijd; zowel de regering als het leger incasseerden hoge verliezen. Syrië probeerde zich te weren wat resulteerde in een dodelijke nederlaag voor de Moslim-broeders. Europa bood de vervolgde Moslimbroeders politiek asiel aan. In Aken en Londen werden nieuwe centra voor de Syrische Moslimbroederschap opgericht, met een verzekerd pand om Syrië eventueel onder druk te zetten.

In 1979 sloot Syrië een verbond met Iran, om de Westelijke en NAVO-omsingeling te doorbreken. Het land steunde de Koerdische Arbeiderspartij PKK uit Turkije; hun leider Abdullah Öcalan leefde in Syrië in exil waar hij de partij politiek en millitair voor de strijd tegen Turkije kon opbouwen.

Met het einde van de Sovjetunie in 1989 verloor Syrië zijn grote beschermer en moest zich opnieuw oriënteren. Met Amerikaanse bemiddeling onderhandelde het land met Israël over vrede op de Golan, dat deel moest uitmaken met een overkoepelend vredesakkoord tussen Israël en Palestina. De Amerikaanse buitenminister Madeleine Albright reisde zelfs naar Damascus om met Assad te spreken. Er werd niets bereikt.

Valse vrienden (2)
Na de dood van Hafez al Assad in het jaar 2000 werd zijn zoon Bashar tot president verkozen. Het Westen opende deuren voor Syrië, dat zich op vele gebieden opnieuw moest oriënteren. De EU bood onderhandelingen over een associatieverdrag aan, Syrië werd lid van de Mid. Zee Unie en van het Barcelona-proces.

Europese staten stuurden experten naar Syrië, die elke hoek van het land politiek, economisch en cultureel onder de loep namen. Europese bedrijven vonden in Syrië een nieuwe afzetmarkt, dikwijls in het raam van een publiek-private samenwerking, een nieuw economisch initiatief, bij hetwelke privé bedrijven met staatsondernemingen samenwerken. Er volgde een drukke opvolging tussen Europese staten en Syrië, waarvan vooral de jonge Syrische generatie kon genieten.

Ondanks het einde van de oost-west confrontatie, of misschien juist daarom, stabiliseerde de toestand in de regio nooit: Syrië was omringd door oorlogen en conflicten. In 2003: de aanval op Irak, waarbij Syrië de samenwerking met de VSA weigerde. In 2005 volgde de aanslag op de voormalige Libanese minister-president Rafik Hariri in Beiroet, voor dewelke het Westen Damascus en Bashar al Assad verantwoordelijk hield. Vervolgens in 2006 de Israëlische oorlog in Libanon, de Israëlische veldtochten tegen de Gazastrook. Israël bombardeerde in Syrië een bouwterrein, waarop zogenaamd een atoomfabriek moest ontstaan. En opnieuw kwam het tot aanslagen. In 2008 werd de Hezbollah-commandant, Imad Mughniyeh, door een Mossad-aanslag in Damascus vermoord.

Ondanks aanhoudende binnen- en buitenpolitieke druk beleefde Syrië een ongekende bloeitijd. Die werd echter op zand gebouwd, zoals snel zou blijken in de lente van 2011. Nog was niet duidelijk wat er in Syrië aan de hand was, toen de westerse politiek en de media al de “opstand tegen de dictatuur van Assad” verkondigden. Tot zover een duidelijke boodschap uit het Franse ministerie van buitenlandse zaken.

De Franse journalisten Christian Chesnot en George Malbrunot beschrijven in hun boek „Les Chemins de Damas“ een zware ruzie in de lente van 2011. De toenmalige Franse ambassadeur in Damascus, Eric Chevallier, verklaarde: “De regering van Assad zal niet vallen. Assad is sterk.” En voegde eraan toe, dat hij zich ter plaatse bevond, alles dicht opvolgde en vele Syrische regio’s bezocht had. (video)
Nergens had hij “het regime zien zwakker worden”. “Vertel toch geen onzin,” zo werd Chevallier door de presidentiële raadgever voor het Nabije en M.O., Nicolas Galey, terecht gewezen, “wij moeten ons niet aan de feiten houden, maar verder kijken.”
Chevallier bleef bij zijn mening, waarop Galey hem heftig de levieten las: “Uw informatie laat ons koud, interesseert ons niet. Bashar al Assad moet vallen en hij zal vallen.”

Een getuige verklaarde aan de beide b.g. journalisten dat het duidelijk was dat Galey niet voor overleg gekomen was, maar om een “duidelijke boodschap over te brengen; het ging erom dat de val van Assad niet te vermijden was. En het moest voor iedereen duidelijk zijn dat afwijkende meningen in de Franse diplomatie “niet getolereerd” werden.”
Inderdaad stond in de lente van 2011 de agenda voor de val van de Syrische president vast en de voormalige mandaats- en koloniale macht Frankrijk bevond zich helemaal vooraan voor de uitvoering.

Regionale en internationale geheime diensten opereerden vooraan in het front in Turkije, in Libanon, Irak en Jordanië om geld, strijders, wapens en logistiek naar Syrië door te sluizen.

De regio werd een militaire en wapenopslagplaats. Frankrijk, G.B. en Duitsland zorgden voor de zogenaamde “groepen uit de burgermaatschappij”, zorgden voor de opleiding van “burgerjournalisten”, stuurde radio-ontvangers, camera’s, laptops, NGO’s pretendeerden de vervolgden in Syriê een stem te geven. Dat daarbij ook gelogen werd, werd snel onder de mat gekeerd. Een voorbeeld: het lesbische meisje Amina uit Damascus dat in 2011 een dagboek publiceerde, tot ze naar verluidt door de Syrische geheime dienst ontvoerd werd… bleek in werkelijkheid de in Schotland studerende Amerikaan Tom MacMaster, die gewoon voor de lol – als mensenrechtenactivist – een beetje geblogd had.  Politici en media vlogen erop als aasgieren, maakten zelfs een film.  Een filmscenario van de WH avant la lettre.

Westerse media concentreerden zich op de voorstelling van een volgens hun mening “gematigde oppositie” en op zgn. “burgerjournalisten”. Andere nieuwsberichten uit Syrië werden genegeerd en als “staatspropaganda” afgeschreven.
De thema’s met dewelke de politiek en de media de Syrische president Bashar al Assad onder druk moesten zetten, waren al in 2006 in een correspondentie van de Amerikaanse ambassade in Damascus met het Amerikaanse buitenministerie beschreven. Bekend werden ze door Wikileaks.

De goede reputatie van Bashar al Assad moest verwoest worden; daarvoor moest de binnenlandse kritiek op de economische hervormingen, op de corruptie, de mensenrechten, de rechten der Koerden en de Syrische steun aan islamitische terroristen in het daglicht treden. Bij speciale gebeurtenissen of onrusten moesten de VSA de sfeer der protesten actief aanmoedigen of met goedkeuring van een protestbeweging ondersteunen.

In het jaar 2011 was het dan zover. Er begon een humanitaire, burgermaatschappelijke tussenkomst in Syrië, die de wereld nog niet beleefd had. Heel de Syrische bevolking moest naar de pijpen van westerse regeringen dansen. De media werden daarvoor het belangrijkste wapen. De basis voor de interventie was de eenzijdige steun voor bepaalde groepen der protestbeweging, terwijl andere oppositiegroepen genegeerd en de Syrische regering gedemoniseerd werden.

Beloofd werden vrijheid en democratie en niets minder dan de val van Assad, “zonder een mogelijke toekomst in Syrië” eraan toevoegend. Ook aan de eigen bevolking “thuis bij de radio- en tv-zenders” richtte men deze boodschap: de Syrische burgermaatschappij bevond zich in oorlog tegen een dictator… De bevolking in Europa en de VSA werd gesommeerd partij te trekken in deze vuile oorlog tegen Syrië.

De lijst met westerse interventies in Syrië is lang en vermoedelijk is er veel niet bekend, omdat geheime diensten en de verantwoordelijke regeringen nog niet gedwongen werden alle opdrachten bekend te maken. De geostrategische ligging van Syrië zou voor het noorden en het zuiden, voor het oosten en het westen een groot nut kunnen hebben moesten de buurlanden en de internationale protagonisten de staatssoevereiniteit van het land respecteren.

Echter, de lessen die het Westen zgz. uit de laatste wereldoorlog 1939 / 1945 zou geleerd (moeten) hebben en die in de VN-Mensenrechtenverklaring geschreven werden, werden uitgehold. Omdat deze regels de zwakkeren beschermen, worden zij door hen, wiens machtshonger daardoor niet gevoed wordt, vandaag belachelijk gemaakt en geminacht. Syrië moét met alle middelen onderworpen worden.

Auteur: Karin Leukefeld, sinds 2000 vrije correspondente voor het M.O. en sinds 2010 geaccrediteerd in Damascus, vertaald en aangevuld met bronnen, bijkomende info en beeldmateriaal door onze redactie.

“Aan mijn berichten wordt hier weinig aandacht besteed.”

IJzerwake 2018: Volk word staat!

Affiche IJzerwake 2018

Meer info: https://www.ijzerwake.org/

Fronters en Aktivisten stuurden de Vlaamse beweging begin vorige eeuw op weg naar zelfbestuur. Omdat enkel zelfbestuur garant staat voor een welvarend en democratisch bestuurd Vlaanderen.

Democratisch in de zin van: bestuurd zoals de Vlamingen dat willen, los van alle Belgische of Europese betutteling.

Die boodschap blijft 100 jaar later nog altijd actueel. De Belgische staatshervormingen geven ons niet de zelfstandigheid die we nodig hebben. We hebben wel een eigen parlement en een eigen regering, maar we staan nog ver af van het zelfbestuur dat de Fronters wilden.

De miljardentransfers worden niet afgebouwd. Integendeel. De nieuw ingevoerde effectentaks zal voor 75 tot 80% door Vlamingen worden betaald. Die taks treft overigens niet de superrijken zoals beweerd wordt, maar wel zelfstandigen en bedrijfsleiders die zelf voor hun pensioen moeten zorgen. Of hoe de communautaire stilte er voor zorgt dat Vlaanderen in alle stilte verder wordt leeggemolken. De communautaire stilte versterkt België en verzwakt Vlaanderen.

In Brussel worden de Vlamingen politiek verder in de hoek van gedoogde minderheid geduwd. De kinderbijslagregeling wordt er toevertrouwd aan een Brusselse instelling waar de Vlamingen een kleine minderheid vormen. En dus de regeling die door anderen werd beslist gewoon ondergaan. Het resultaat van de zesde staatsmisvorming.

Noch de weg van staatshervormingen, noch de communautaire stilstand brengen Vlaanderen een stap verder. Het is dus tijd voor een andere keuze. Tijd om te kiezen voor eenzijdige en onomkeerbare stappen naar een zelfstandige Vlaamse staat. Volk, word staat. In de felle gebiedende wijs. Omdat het niet anders meer kan.

Tot in Steenstrate, om geworteld in onze traditie de bakens te zetten naar echte Vlaamse onafhankelijkheid.

Op zondag 26 augustus 2018, 11u. vindt de 17de IJzerwake plaats in Steenstrate.

Gastspreker dit jaar is Guido Moons, oud-voorzitter van Vlaamse Volksbeweging.

Catalonië: respecteer het zelfbeschikkingsrecht
Voor de VZW IJzerwake kan het conflict tussen Spanje en Catalonië enkel een duurzame en vreedzame oplossing krijgen door het respecteren van het recht op zelfbeschikking.

Catalonië is niet zomaar een opstandige regio, het is een volwaardige natie met een grondgebied, eigen politieke instellingen, een eigen taal en cultuur en een samenhorigheidsgevoel. Bovendien is er een democratisch draagvlak om de onafhankelijkheid op te eisen.
Dat volstaat voor een volwaardige internationale erkenning.

Landen verwerven hun onafhankelijkheid niet door een ultieme staatshervorming. Landen maken wetten, wetten maken geen landen. België is destijds ook niet ontstaan door een grondwetsherziening in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Nederland heeft zich in de zestiende eeuw van Spanje losgemaakt met een Plakaat van Verlatinge dat toen ook in strijd was met het heersende staatsrecht.

VZW IJzerwake vraag het Vlaams Parlement om de Catalaanse republiek formeel te erkennen van zodra de onafhankelijkheid wordt uitgeroepen.

Van Vlaams-nationalisten verwachten wij dat ze deze onafhankelijkheid krachtig ondersteunen op alle niveaus van het politieke leven.

De Europese Unie blijft schrijnend in gebreke om haar eigen waarden van democratie en subsidiariteit te verdedigen in dit conflict. De EU is de bondgenoot van vastgeroeste conservatieven die ten koste van alles de stilstand willen bewaren.

Met vriendelijke groeten

Wim De Wit
Voorzitter IJzerwake vzw

„Quod licet Iovi non licet bovi“

De bronafbeelding bekijkenDubbele nationaliteit voor Zuid-Tirolers in de maak

Oostenrijk wil de Duitstalige bevolking in Italië de Oostenrijkse nationaliteit aanbieden. De Italiaanse regering verzet zich en noemt het een “meer dan vijandige daad”.
Het is geen verplichting, het is een mogelijkheid, wie wil zou de Oostenrijkse nationaliteit kunnen aanvragen. Buiten enkele mogelijke kleine tekstverduidelijkingen zou het wetsontwerp gereed voor de stemming in het parlement zijn. De Oostenrijkse diplomatische vertegenwoordiger in Rome plande een “vriendschappelijk gesprek” over eventuele meningsverschillen met de Italiaanse buitenminister Enzo Moavero Milanesi, waarbij het plan in voortdurende dialoog met Rome, “helemaal in de EUropese geest” zou gestalte moeten nemen.

Wat meteen inhoudt dat Oostenrijk zichzelf door Italië laat aan banden leggen. Rome wil dit duidelijk niet. En zal Oostenrijk als oproerkraaier van de “gemeenschappelijke nationaliteitsrechtelijke EU-geplogenheden” aan de kaak stellen.  De Zuid-Tirolers zien hierin de mogelijkheid een halt toe te roepen aan de de Italiaanse bedreiging hun het statuut van “beschermde minderheid” af te nemen.

Sinds de annexatie van Zuid-Tirol in 1918, bevestigd door het Saint-Germain-en-Laye vredesverdrag van 1919, gold de regio als Italiaanse oorlogsbuit. Elke Italiaanse regering sinds 1945 beschouwde de talrijke verdragen, met de moeizaam verkregen vorm van autonomie, een “voorbeeldmodel helemaal in de EUropese geest”, een interne aangelegenheid.
De huidige regering met Lega Nord en de Vijf Sterrenbeweging ziet het niet anders. De Italiaanse president Sergio Mattarella noemde het onverbloemd “een niet nagedacht initiatief”, die het “wiel van de geschiedenis” wil terugdraaien.

Natuurlijk weet Mattarella dat zijn land Italiaanse afstammelingen in andere staten overal ter wereld de Italiaanse nationaliteit verleent. Meer dan een miljoen mensen, vooral in Zuid- en Noord-Amerika maakten ervan gebruikt. Italië heeft niet voor niets het in 1975 tot stand gekomen akkoord in de EUroparaad “Ter vermindering van meervoudige nationaliteiten” opgezegd en een wet gestemd waarbij de nationaliteitswetgeving van 1912 veranderd en bovendien de etnische Italianen in de Sloveense kuststreek, in Kroatië de dubbele nationaliteit mogelijk gemaakt. 37.000 personen maakten hiervan gebruik.

Bovendien heeft Italië alle Italianen in het buitenland het actieve en passieve stemrecht met vaste parlementszetels (12 in het parlement, 6 in de senaat) gegeven. Geen enkel land, waar de bio-Italianen resideren, werd daarbij geconsulteerd of om toestemming verzocht.

Maar Oostenrijk mag dit niet. Ook al gaat het om afstammelingen van Oostenrijkse staatsburgers. Dit volgens het oud-Romeinse devies „Quod licet Iovi non licet bovi“ – Wat Jupiter mag, is niet toegestaan voor de os.

Benieuwd of Oostenrijk het been stijf houdt. Niemand kan Oostenrijk eraan hinderen in het eigen belang te handelen en volgens de eigen soevereiniteit de wettelijke basis voor de in het regeringsakkoord van ÖVP en FPÖ voorziene dubbele nationaliteit mogelijk te maken voor “familieleden van volksgroepen met de Duitse en Ladinische moedertaal in Zuid-Tirol, voor dewelke Oostenrijk volgens het Verdrag van Parijs en de daaropvolgende praktijk de bescherming handhaaft”.

Ter vergelijking enkele cijfers: In zover alle 528.379 Zuid-Tirolers (officiële bevolkings-statistieken van het eerste kwartaal 2018) volgens b.g. definitie in aanmerking komenden de Oostenrijkse nationaliteit aanvragen en aannemen, dan blijft hun aantal ver onder de 1.2 miljoen Italianen-in-het-buitenland, die een dubbele nationaliteit, de Italiaanse, kregen.

Overigens, mocht Oostenrijk het aantal berechtigden à la façon italienne berekenen, dan zouden ook de mensen uit Trentino – eveneens staatsburgers van Oostenrijk – Hongarije – recht hebben op het herverkrijgen van de Oostenrijkse nationaliteit. De partij PATT (Partito Autonomista Trentino Tirolese), die daar voor autonomie streeft, heeft er al aan herinnerd “Wenen mag de in Trentino wonende nakomelingen niet vergeten. Ook onze voorouders waren burgers van Oostenrijk – Hongarije. Ook onze grootvaders zijn in WOI met duizenden in het leger van keizer Franz Josef gestorven.”

Het zou dus logisch zijn ook de Ladijnen in de gemeenten Cortina d’Ampezzo, Colle Santa Lucia en Livinallongo del Col di Lana in de kring der berechtigden op te nemen, want hun onweerlegbare Tiroolse verleden wijkt in niets af van de Zuid-Tiroolse gemeenten, buiten dat ze onder Mussolini tegen hun wil bij de provincie Belluno gevoegd werden.

Mochten zij echter in aanmerking komen, dan is het Oostenrijkse plan zo goed als kansloos. Heeft er dan niemand de ballen om de Italianen niet alleen aan hun eigen houding t.o.v. het verlenen van de Italiaanse dubbele nationaliteit, maar ook op het recht van een soeverein Oostenrijk te wijzen, dat zonder meer de Oostenrijkse nationaliteit mag verlenen aan wie het wenst?

Wenen moet niet naar de pijpen van Rome dansen. Buitenministerin Kneissl moet haar eigen woorden ter harte nemen toen ze de EU-buiten- en energiepolitiek op de korrel nam “Het is hoogste tijd voor een door de eigen belangen geleide politiek.”

PAZ

Arrivederci Roma

In de brievenbus: Bozen

Hadewijch: mystieke minnepoëzie

hadewijch01Hadewijch van Antwerpen is de eerste vrouwelijke dichter die we kennen in de geschiedenis van de Nederlandse literatuur. Hadewijch is tevens een de eerste mystieke schrijfsters van de Lage Landen. Toch is haar bekendheid vrij beperkt gebleven. Op veel middelbare scholen is ze verplichte kost en daar blijft het vaak bij. Ten onrechte! Gelukkig groeit er een nieuwe belangstelling voor deze taalkunstenares en haar mystieke ervaringen.

Helaas is er over het leven van Hadewijch geen enkel historische bron gevondenen noch handschrift van haar bewaard gebleven. In haar vierde visioen beschrijft ze hoe een engel tegen haar zegt: “Jij, die voor al je vrienden en tegenstanders onbekend blijft.” En zij blijft inderdaad een onbekende vrouw in de literatuur en mystiek van de Lage Landen.

Om haar te kunnen plaatsen zijn we aangewezen op de spaarzame verwijzingen in haar eigen werk en op de weinige sporen die onderzoekers gevonden hebben. In een manuscript van haar uit de 17e eeuw staat op het schutsblad vermeld: “van de zalige Hadewijch van Antwerpen”. Het is een vaag spoor want het gaat hier om een toevoeging die vele jaren na haar leven is aangebracht. En uit haar naam valt ook weinig af te leiden, want in haar tijd was Hadewijch een veel gebruikte voornaam.

Diets: Deze onbekende Hadewijch schreef niet in het Latijn of Frans zoals gebruikelijk in haar tijd, maar in een Brabantse variant van het Middelnederlands, het Diets. Het Diets was haar moedertaal. Daar kon zij alles in kwijt, zoals ze zelf aangeeft. Dat betekent dat zij van oorsprong ergens uit Brabant moet komen. Let wel: Brabant omvatte toen de huidige provincies Noord-, Vlaams- en Waals-Brabant en Antwerpen.   Meer bij Hadewijck.net

 

Gaat China een handje toesteken in Idlibistan?

De geruchten over een mogelijke deelname van Chinese (elite)troepen in het Syrische strijdgewoel zijn niet van vandaag.  Maar ze worden wel hardnekkiger.  Verschillende media menen te weten dat Chinese strijdkrachten het Syrische leger een handje zullen helpen bij de eliminering van de terroristische groeperingen in Idlibistan, het noorden van Syrië, waar zowat heel het terroristische firmament elkaar én de burgerbevolking de duvel aandoen.

Het zou gaan om twee contingenten van speciaal opgeleide militairen, met de welluidende namen “Siberische Tijgers” en “De Tijgers van de Nacht”.

China heeft sinds het uitbreken van het conflict steeds de zijde van de Syrische regering gekozen.  Da’s geen geheim: de stemmingen in de Veiligheidsraad (China heeft vetorecht) zijn daar het beste bewijs van.  Herhaaldelijk stemde China samen met Rusland tegen de voorstellen die een “regime change” door het westen moesten wettigen.

De bronafbeelding bekijkenChina heeft nog een eitje te pellen met hun Oeigoeren, die met de hulp van Turkije, toegang vonden bij ISIS en soortgenoten.  Ze bevinden zich momenteel samen met hun gezinnen in de Idlib-regio.  Officieel zijn ze geïnfiltreerd om het kalifaat te helpen oprichten en verdedigen.  Maar dit was in 2014 – 2015 niet hun oorspronkelijk doel.  Erdogan beloofde de Oeigoeren, omdat ze naar verluidt in China vervolgd werden, veiligheid in zuid-Turkije, Hatay, de regio die oorspronkelijk Syrisch, vervolgens door Turkije ingepalmd en waaruit christenen, alawieten en Syrisch gezinden verjaagd werden.  Doel: de gematigde moslims en andere geloofsbelijders te verdrijven en door de toevloed van tienduizenden extreme Oeigoeren soennitisch te islamiseren.

De bronafbeelding bekijkenUiteindelijk liep het anders.  Erdogan was er toch niet heel gerust in en liet hen zich niet in Atay vestigen, maar stuurde ze – naar schatting in totaal 5000 tot 20.000 met 2000 tot 5000 krijgers – over de grens, naar Syrië, naar de Idlib-regio, waar inmiddels alle “gematigde rebellen” en de niet zo gematigde ISIS en al Nusra-krijgers zich ook – na hun verdrijving uit de bevrijde Syrische regio’s – bevinden.   Onder hen duizenden kinderen, getraind door de Oeigoeren, door al Qaeda en andere salafistische commando’s.

Komen we terug op China.  De Oeigoeren vormen in China een veiligheidsprobleem.  Zij worden niet alleen door Turkije, maar ook door Saoedi-Arabië gesteund bij hun eis voor onafhankelijkheid van hun eigen autonome I.S.-staat in het westen van China.    Na de (mogelijke) bevrijding van Idlib door het Syrische leger, stelt China zich nu de vraag wat er met de Oeigoeren zal gebeuren.  Terugkeren naar hun thuisland?  Uitgesloten.  China wil geen terroristen – niets ontziende gevechtsmachines – op haar grondgebied.  En dan is de deelname van Chinese elitetroepen bij de herovering van de Idlib-regio volkomen logisch: hen daar ter plaatse elimineren is de voor de hand liggende oplossing.  De Oeigoeren zijn geen doetjes; zij namen deel aan verschillende offensieven in Syrië, o.a. Oost-Aleppo, Noord-Hama.  Turkije steunde hen gedurende lange tijd.

Zowel Rusland, China, (Turkije?) als de Syrische regering willen van hen af.  De vraag is welke de bijdrage van de Chinezen zal zijn.  Ze hebben geen militaire bases in Syrië.  Worden het gevechtseenheden, militaire adviseurs of eerder diplomatische pogingen om Turkije ervan te overtuigen hen niet te willen opvangen na hun vlucht naar het noorden en vervolgens terug te sturen naar China?   De Chinese ambassadeur in Damascus zou klaarheid gebracht hebben: China zal deelnemen aan het offensief in Idlib om de Chinese nationale veiligheid te waarborgen.

Volledigheidshalve voegen wij onderstaande video toe, die achtergrondinformatie geeft over de Oeigoeren.  Ondertiteling en vertaling via icoontjes onderaan.

“Ik ben Syrië”

De bronafbeelding bekijkenEen liefdesverklaring aan Syrië, vervat in een Oostenrijkse documentaire. 

“Ze stuurden ‘s werelds beste wetenschappers en historici naar mijn grondgebied om mij te vragen wie ik ben en hoe oud ik ben. Ze wisten dat ik de oudste stad en de oudste beschaving in de geschiedenis ben en dat ik gesitueerd ben in het midden van drie continenten. Ze wisten ook dat ik de drie eerste letters van het alfabet in de vorm van het alfabet geschreven heb en ik speelde het eerste muziekstuk in de geschiedenis. De geschiedenis heeft voor mijn deuren opgehouden te bestaan.

Ik ben Syrië. Ik beheerste de manuele glasindustrie, even waardevol als diamanten. Ik kan er terecht trots op zijn. De zwaarden uit Damascus dienden als wandversiering – de kostbaarste oorlogsbuit. Mijn huizen zijn reusachtige mozaïeken. Ik opende voor elke behoeftige mijn deuren en sloot hen voor mijn vijanden.

Ik ben Damascus. Ik ben Al Shaam, de oudste bewoonde hoofdstad in de geschiedenis.

Ik ben nog altijd de mooie weduwe ondanks het binnendringen der ziektes. Met mijn pijn sta ik na alle tegenvallen uit de asse weer op – met opgeheven hoofd – en als ik verlies, sta ik weer op, zoals de vogel Phoenix. Lag ik ook neer in het stof, toch loop ik rond als een koningin ondanks het leven.
Het lijden van Christus is in het middel van mijn lichaam gestoken. Ik spreek tot jullie in het Aramees, de taal van Jezus Christus in Maloula. Indien gewenst sommen wij al onze heiligdommen op in het Aramees.
Wat weten jullie als jullie in mijn handpalmen kijken? In mijn handpalmen staat de eerste koningin der geschiedenis. Ik ben de wereldheldin en de huidige gedachtengang. Ik ben Zenobia, de koningin van de troon, van de eerste troon en van de laatste. En ik ben de Heer der Heren, de God van Mesopotamië. Ik ben Zeus.
Mijn beschaving is voor eeuwig uitgedijt – doe maar navraag bij het Unesco Werelderfgoed-comité. Ik schreef 7000 jaar geleden op mijn deuren “Vernietig je zwaard en volg mij om vrede en liefde in de kern van de aarde te zaaien.”

Ik ben de cultuurhoofdstad van Syrië en ook het industrieel centrum. Ik ben de sterkste steen van Syrië en één der grootste kastelen ter wereld. Ik ben het cultuurcentrum der Mammelukken. Mijn culturen zijn een mengeling veler culturen en mijn aroma is sinds duizenden jaren tot het einde van de wereld gesproeid.

Ik ben Aleppo. Ik ben Al Shahba. Hier kwam de eerste boodschap aan de wetenschap tot leven. Van hier stamt de eerste symfonie in de geschiedenis, geschreven in het jaar 3400 voor Christus.

Ik ben Ugarit…

Ik ben het koninkrijk der grote Arameeërs. In Al Asi draait het eerste waterrad der geschiedenis.

Ik ben de Eufraat.

Ik ben de woestijn. Ik ben alle tenten.

Dàt is Syrië – mocht u het (nog) niet weten.

Ik ben Syrië.”

Poetin kreeg in 2001 “njet” van de NAVO

foto van Nationalisme en traditionalisme.Wist u dat Rusland in 2001 lid wilde worden van de NAVO. Maar de NAVO NEE zei.
Het was oktober 2001, Poetin was toen in Brussel op bezoek bij de NAVO om zowel over de oostwaartse uitbreiding te praten, waar Rusland fel op tegen was indien Rusland niet ook zelf bij de alliantie mocht.
Direct na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 is er meermalen sprake van Russische toetreding geweest. Maar in 2001 kreeg Poetin een resoluut ‘nee’ te horen en keerde hij met lege handen terug naar Moskou.

Lees meer hoe de NAVO tot op de Russische drempel uitbreidde ondanks voorgaande afspraken… en bekijk onderstaande video (09:38 over uitbreiding NAVO)

Ondertiteling en vertaling via icoontjes onderaan.

De Druzen, een onbekende minderheid in het M.O.

De Druzen zijn een vrij onbekende minderheid in het Midden-Oosten, of om meer precies te zijn in Syrië, Libanon, Jordanië en Israël, waar ze vooral in de bergachtige streken wonen. Hun religie, die uit de elfde eeuw stamt, is relatief onbekend en ook weinig bestudeerd.

Verneem hier meer over hun afkomst, geloof, samenleving, tradities en eer.

Ondertiteling en vertaling via icoontjes onderaan.

 

 

 

17.7.1936: begin Spaanse burgeroorlog

Afbeeldingsresultaat voor spaanse burgeroorlog

 

De Spaanse Burgeroorlog kan moeilijk gezien worden als een strijd tussen fascisme en communisme. Het Italiaanse en Duitse fascisme, ontstaan in de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw, bestonden nauwelijks in Spanje. Ook de communisten, verenigd in de PCE (Partido Communista de España), hadden destijds maar weinig aanhang. Arbeiders voelden zich veel meer aangetrokken tot het anarchisme en het gedachtegoed van de revolutionaire vleugel van de socialistische partij PSOE (Partido Socialista Obrero Español). In de kern was de Spaanse Burgeroorlog een botsing tussen enerzijds zeer traditionele opvattingen van monarchisten en militairen en anderzijds links-revolutionaire krachten die met het verleden wilden afrekenen. (…)

Wie zich interesseert voor de internationale brigades, vindt bij YT een vijfdelige Duitse reeks.  Wij publiceren de eerste – voor de volgende afleveringen, klik op de YT-abonnee Spanje3639:

In dit verband, lees

“Belgische vrijwlligers in de Spaanse Burgeroorlog”

“Waar zijn de lichamen van de Belgische Spanjestrijders?”

“De vervolging van de Belgische vrijwilligers in de Spaanse Burgeroorlog”